Sluiten
Sluiten
Juli 2026

Giro Italia Nord

Van Franciacorta, Lago di Garda, uitstapje Soave, langs Lago di Como naar hoog Valtellina, en weer zuidwaarts via Monferrato, La Morra, Barbaresco naar Riomaggiore aan de kust van Liguria.

We vliegen heen op Milaan, straks terug vanaf Genua. Na aankomst rond middaguur eerst huurauto (lompe Opel, wel zoals gereserveerd een automaat) opgehaald in spookachtige, slecht bewegwijzerde stalen parkeerflat, gelijk naar Franciacorta het heuvelachtige gebied boven Brescia. Hier komen van oudsher de beste mousserende wijnen van Italië vandaan. Op een van de natuurbeurzen rondom Vinitaly begin april proeven we bij Michele Loda van Azienda Il Pendio. Wowwijnen…: wat een precisie, sereniteit, mineraliteit, diepgang en ultieme drinkbaarheid. Ondersteboven zijn we. Niveau (niet de smaak) van prestige-cuvées uit de Champagne. De prijzen ook, niettemin: daar moeten we snel langs. En dat doen we deze dinsdag 9 juni…

Het is even zoeken, zelfs met navigatie, maar we komen er, Il Pendio ligt net boven Monticelli Brusati, de wijngaarden rondom de azienda zijn de hoogste (350-400m) van de DOCG Franciacorta. We hebben afgesproken, nog vanuit de auto gebeld, maar we treffen de deuren gesloten. De hele familie, Michele, eega Michela en beide (jongvolwassen) kinderen, is in de wijngaard aan het werk. Tjoe met deze drukkende hitte. Zo maken we gelijk kennis met de azienda: alles in en met de familie, alles (4ha) met de hand… Michele leidt ons door de perceeltjes, weidt uit over de soorten kalk in de bodem, expositie, de winden, de gigantische thermische verschillen tussen dag en nacht, waarom hier pinot noir, daar (nog hoger) de chardonnay, en verderop de pinot bianco. Vertelt dat hagel de druiven voor komende oogst 2026 voor 90% heeft vernietigd… Ze zijn nu bezig met herstelwerkzaamheden, dit al met oog op oogst 2027….

Michel Loda, Il Pendio

Naast twee spannende ‘stille’ wijnen, een Pinot Noir en een Chardonnay, maakt Loda vier mousserende, alle zoals alleen echt grote wijnen kunnen zijn: rustig en energiek tegelijk, diepgaand, complex, nablijvend. Alle vier anders, alle vintage, Metodo Classico – Pas Dosé, (brut nature). minimaal vijf jaar ‘sur lattes’ opgevoed, alle met recent (2025) dégorgement. Oplages: 2000 à 3000 flessen/soort… . We beginnen met florale, bijna zoutige 2018 Il Contestatore (chardonnay); als bronwater met zacht koolzuur waarin gesteente is opgelost, zo zuiver. 2020 Brusato Rosa (pinot noir), de meest verleidelijke van het stel, lumineuze, helder roze kleur, fijn rood fruit, omarmend en breed en voornaam, kracht ook, lange indringende finale. Prachtig. 2020 Momi (pinot bianco) is complexer, gelaagder, veel fruit, superbe élégance, creamy in lange afdronk. Bello, bello, genietwijn, tevens de duurste, we snappen het. 2017 Trait d’Union – tot ensèma assemblage trio chardo, pinot noir en bianco. Fraai, gerijpt, verfijnd, maar niet de grip, intensiteit van de andere. Navraag leert dat 2017 hier molto difficile was en er uiteindelijk naar één wijn is gemaakt, deze dus.

Marc en Michele

Michele legt uit waarom hij de wijnen buiten de DOCG Franciacorta houdt: ze zijn anders…. niet industrieel, persoonlijker, artisanaler, hebben meer karakter, van andere terroir en hoogte. Wat is een ambachtelijke wijn? Een wijn gemaakt ‘met je handen’, met je rug, armen, hart en hoofd… De wijngaard is cruciaal. Als je gezonde, zonder bestrijdingsmiddelen geteelde druiven naar de kelder brengt kun je het je veroorloven om weinig of niets te doen. Dan heb je geen correcties nodig. Geen dosage, minimaal sulfiet, niet aan- of ontzuren. Het is en wordt lastig kiezen tussen de vier fantastische spumanti, we kopen (zo geen verplichtingen) van elk een fles om tijdens de rest van de reis rustig door en na te proeven. www.ilpendio.com

We moeten nog even door… Door de spits rond Verona naar Tenuta La Cà bij Bardolino, aan de andere kant van het Gardameer. We logeren in een van de moderne (ietwat steriele) appartementen van de agriturismo die bij het wijngoed hoort. Het proeven, de wijngaarden zien en nader kennis maken is voor morgen, woensdag. We eten laat, eenvoudig maar lekker bij wijnbar Pergolo (Lazise) waar we in april de bardolino van Tenuta la Cà ontdekten. Cirkel rond.

De avond valt bij Tenuta la Cà

Woensdag na onovertroffen ontbijt bij La cremeria in Lazise (vaste prik tijdens Vinitaly), terug naar Tenuta la Cà… De broertjes Pietro en Aldo Giambenini wachten ons al op, even overleggen, ok: eerst de wijngaarden (alle rond domein) in nu het nog niet zo warm is, dan proeven, en samen lunchen om rustig verder kennis te maken. De (12 ha, niet veel voor deze streek) wijngaarden liggen op 150m hoogte, vier kilometer landinwaarts van Bardolino (Gardameer), drainerende zanderige bodem vol mineraalrijk morenisch gesteente, in laatste ijstijden door gletsjers afgezet. Zorgend voor frisse, elegante, niet te alcoholische wijnen met fijne mineraliteit. Mits je natuurlijk werkt in wijngaard en kelder. De broers zijn er trots op: no panic it’s moranic!, staat er op de etiketten… Naast de door ons al geselecteerde (op voorraad, tweede zending al binnen) opwekkende, gevaarlijk doordrinkbare 2025 Chiaretto di Bardolino Classico ‘Chieto’ en 2025 Bardolino Classico ‘Dritto’ , maken de broers nog meer wijnen.

Aldo Giambenini, Tenuta la Cà

De 2025 Verona Bianco (zelfde prijsklasse), half blanc de noir (corvina en rondinella), half ‘gewoon’ wit (garganega en pinot grigio) moet het hele oogstverhaal/jaar vertellen: alle druiven samen. Plezierige, frisse wijn maar mist ergens definitie, herkenbaarheid. De tweede botteling die we daarna proeven, is wel duidelijker, complexer. We gaan volgende bestelling doosje mee laten komen om dit eigenzinnig wit beter te doorgronden. Verder nog op tafel o.a. een kruidige 2024 Verona Bianco van pinot bianco 80% en pinot grigio; een tabakkige 100% merlot (2023); een 100% cabernet franc (2022) die voor onze smaak te ruim in het hout zit. Alle ook stuk prijziger, want gemaakt in kleine oplages. We houden het voorlopig bij de Chiaretto en Bardolino, wie weet volgend jaar aangevuld met de eerste Verona Bianco.

De broertjes Pietro en Aldo Giambenini , Tenuta la Cà

Na de geanimeerde late lunch van gewoon goed brood, eigen olijfolie, wat kazen, salumi en een salade uit eigen giardino, tijd voor een siësta aan- en een plons in het zwembad. ‘s Avonds voor het aangekondigde noodweer op tijd eten in Bardolino bij Trattoria Al Commercio, goede, eerlijke keuken, plezierige geroutineerde bediening, maar geen spannende wijnen. Precies op tijd terug om veilig en droog naar de door storm zwiepende olijfbomen en door bliksemschichten oplichtende wijnranken te kijken. Gekletter van heftige regen en tussen de bergen echoënde donder als soundtrack.

De line-up

Donderdag: Soave-dag…. Eerst om Verona heen zien te rijden en vervolgens na half uurtje oostwaarts op de A4 richting Venetia, de heuvels in. Maar één afspraak in de middag, bij Filippo Filippi waarvan we tijdens Vinitaly op zij-beurs (weggestopt in het souterrain…) Raw Wine de wijnen proefden. Hérproefden, we kennen de wijnen al van vroegere jaren Millésime Bio: goed maar kostbaar… Leuke bijkomstigheid is dat jonge oenoloog Lisa Capretti, die Etna-project van de Bartoli op poten zette, hier nu emplooi heeft gevonden. Energieke, open, deskundige meid. Uit de gisteren van de broers Giambenini gekregen wijngids Slow Wine 2026 (ze staan er zelf in met topnotering Bardolino Dritto) prikken we na snel scannen tijdens ontbijt, een aanbevolen adres in het uiterste oosten van de Soave waar de bodem van (vulkanisch) basalt vaak proefbaar is. Tjits (spreekt goed Italiaans) belt, het wordt ingewikkeld: eerst mama aan de lijn, vervolgens papa, die doorverbindt met zoon (die we willen zien), die blijkt in Rome vandaag, wacht ik geef je nummer van mia moglie (mijn vrouw), misschien kan zij jullie ontvangen… Niet zeker, maar er is altijd wel iemand. We rijden er maar naar toe, we zien wel, geen haast vandaag. Zoals Sjaak Swart (Ajax) ooit zei na een voor hem zeldzaam doelpunt met het hoofd: ik moest toch die kant op.

Wijngaarden bij I Filippi, Soave

Papa laat ons dan maar de wijnen proeven, vijf plus een spumante. Opmerkelijke stijl: gerijpt (ze verkopen nu pas 2021 en 2023), rustig, bevallig, op een prettige manier subtiel oxidatief en gemarkeerd door bodem: rokerig, zwavelig (maar niet van sulfiet) zoals wijnen van de Etna kunnen zijn. Mama komt ook nog met kleinzoon gedag zeggen. Een fijn, familiair (we krijgen de vier generaties mannen op foto te zien), leerzaam bezoek, maar een stijl die te afwijkend, te lastig voor onze klanten is. Het is al bijna 13.00 uur, snel naar (burcht) Soave zelf om bij Enoteca del Soave (aanrader!) de knorrende magen stil te krijgen, de wijn- en waterdorst te lessen. Dat lukt met een flinke, flinterdunne, knapperige pinsa romana, een glas Soave (ze hebben enorme keuze per glas) en fles Pellegrino.

Lisa en Paola, I Filippi, Soave

Vandaar 20 minuten kronkelen naar de hoog (400m) gelegen Cantina Filippi in de Colli Scaligeri. Een eeuwenoud (documenten uit 1300…) familiedomein waar vanaf circa 1900 wijn wordt gemaakt. Fijne ontvangst door (echtgenote) Paola en onze Lisa, met wie we eerst een wandeling door de traditioneel in pergola gesnoeide wijngaarden maken. Prachtige wijnen, bij de top van Soave, maar eerder timide dan uitbundig. Naast de zelfs in 2024 fraaie ‘gewone’ soave, wijnen van één specifieke wijngaard. Geweldig (ook) de (niet-soave) Turbiana van oude trebbiano. De maestro Filippo zelf schuift ook nog aan, weinig spraakzaam maar uitgesproken van (no nonsens) mening. We gaan hier vast terugkomen, maar moeten nog bedenken of we deze wijnen (basis al bijna 20 euro verkoop) voldoende kwijt kunnen en voor hen ook interessante partner zullen zijn.

Fossielen uit de wijngaarden bij I Filippi (Soave)

Op weg terug moeten we nog langs het vliegveld van Verona om bij Europcar de Opel om te ruilen, de buitenspiegels klappen niet uit… Of, ja pas na -tig keer starten. Onhandig, gevaarlijk. We hebben gebeld, er staat keurig een andere, leukere, Italiaanse auto (Fiat 600 Crossover) voor ons klaar. Maar slechte beurt voor Sunny Cars via wie we auto hebben geboekt en die op onze klacht over buitenspiegel afwerend antwoordden dat we dat zelf maar moesten zien te regelen. Snel boodschappen doen in Lazise om in appartement te kunnen eten en alle meegenomen open wijnen terug te proeven.

Wijngaarden van Boffalora op 700-900 meter hoogte bij Valtellina

Vrijdag, nieuw avontuur, we zijn er nog nooit geweest: Valtellina in de bergen boven het Comomeer, we gaan naar Azienda Boffalora in Castione Andevenno, waarvan we de wijnen in april hebben geproefd. Prachtwijnen, elegant, puur en verfijnd. De druif: de Piemontese nebbiolo, maar dan op 700-900m hoogte en hier chiavennasca genoemd. De wijnboer: Giuseppe (Beppe) Guglielmo, kind van de streek die hier sinds 2002 verlaten terraswijngaarden weer heeft beplant, dan wel vergeten oude stokken biologisch leven inblies en waar nodig, eigenhandig terrasmuurtjes stapelde. Vermoeiende rit ernaartoe door oneindig aantal tunnels en tunneltjes van Brescia omhoog parallel aan het Comomeer. Wegwerkzaamheden volop, vrachtauto’s die angst inboezemen als ze je op versmalde rijstroken doordenderend inhalen dan wel intimiderend in de nek hijgen. Eindelijk zonlicht aan het eind van laatste tunnel: groene bergen tegen een diepblauwe hemel met wattige wolkjes versierd.

Beppe Guglielmo in zijn eigenhandig aangelegde terraswijngaarden

Eenmaal aangekomen neemt Giuseppe ons eerst mee de wijngaarden in, hobbelend en knotsend in krakkemikkige four-wheel drive over smalle, ongeasfalteerde paadjes omhoog van 400 naar bijna 850m.

Op de website; www.viniboffalora.it zijn indrukwekkende foto’s te zien van de aanleg van de steile terrassen.

Wat is het hier mooi, ruikt het schoon, zomers en fris tegelijk, bloemen, kruiden, boel vogeltjes ook, maar wat een zottenwerk op deze steile hellingen wijn te willen maken…

Wat dit gebied bijzonder maakt, is de grote biodiversiteit. Juist doordat veel steile wijngaarden jarenlang zijn verlaten, heeft de natuur zich kunnen herstellen. De wijnstokken groeien er nu midden in een rijk ecosysteem van planten en dieren. 
Door de enorme druk tijdens de vorming van de Alpen werd het gesteente (micaschist en kwartsschist) niet alleen gelaagd, maar ook geplooid. De golvende structuren zijn vandaag nog duidelijk zichtbaar.
Tjitske en wijnboer Beppe Guglielmo in gesprek op grote hoogte
De droge stenen muren ‘muretti a secco’ houden niet alleen de steile terrassen op hun plaats, maar laten ook regenwater geleidelijk wegsijpelen. Bovendien vormen ze een waardevolle leefomgeving voor tal van planten en dieren en dragen ze zo bij aan de biodiversiteit van de wijngaard. Let op de ‘trap’ rechts…
Die leidt naar een terras met vijf wijnstokken… Zottenwerk op deze steile hellingen wijn te willen maken…

Hij had het al met pretoogjes aangekondigd: we gaan daarna picknickend proeven in zijn houten berghutje. Dat we nog niet zo lang daarvoor geluncht hebben, doet voor hem niet ter zake. De tafel lijkt wel een marktkraam, breed uitgestald: worsten, kazen, olijven, brood, kleurige smeersels, flessen wijn. Een sputavino (spuugbakje)? Waarom? Het lijkt erop dat Beppe gewoon met ons wil borrelen… Suf, voelt ongemakkelijk. We laveren tussen professioneel blijven (secuur proeven, uitspugen, niet eten tegen je zin…) en de tafel van onze gastheer eer aan te doen. Het belangrijkste is dat de wijnen wonderschoon zijn, met voor ons als favoriet: de 2023 Pietrisco Valtellina Superiore DOCG, wat een élégance, energie en drinkplezier. En ‘maar’ 13.5% alc, waar barolo’s onder de 14.5% nauwelijks meer te vinden zijn. We snappen waarom hier nu met klimaatverandering zo wordt geïnvesteerd. www.viniboffalora.it

Dorpsfeest in Berbenno di Valtellina, en slapen in Albergo Foresteria Traversi

Om te slapen en (behoorlijk) te eten hebben bij Foresteria Traversi geboekt in Berbenno di Valtellina, een mooi, sportief (wandelen, fietsen, skipistes niet ver weg) en cultureel levend dorpje met een centro storico, een klotsende bergbeek, nog drie bars en een supermarkt. De meeste inwoners werken net over de grens in Zwitserland. Luca Traversi, een globetrotter die lange tijd in Nieuw-Zeeland heeft gewoond, Zwitserland, een poos in Amsterdam, Hamburg… , runt de B&B op innemende manier, ontvangt persoonlijk, excuseert zich dat de fameuze trattoria van zijn broer er tegenover vanavond gesloten is, en brengt ons even naar pizzeria (veel honger hebben we niet na de picknick in de hut van net) in stadje verderop, haalt ons weer op, maakt zelf het ontbijt met fruit, vers (en goed) brood en croissants. Zo’n plek waar je graag nog een keer terugkomt. https://www.foresteriatraversi.it/

En terug langs het Comomeer, zo tunnels vermijdend

Zaterdag, we moeten begin middag bij Francesco Brezza (Migliavacca) in San Giorgio Monferrato zijn. Betekent eerst terug langs Milaan. Op aanraden van gastheer Luca vermijden we nu de tunnels, en rijden over de SP72 langs de oostoever van het Comomeer. Molto bello… Sommige dorpjes verbazingwekkend stil, andere zo druk als Florence of Rome in het hoogseizoen. We snappen het verschil niet.

De wijngaarden van Francesco Brezza met op de achtergrond de Alpen

Half drie arriveren we bij Migliavacca, ondanks drukkende warmte (34 graden) gaan we vanzelfsprekend eerst een rondje wijngaarden, hooischuur en koeienstal maken. Biodynamie van A tot Z hier en dat al sinds 1964… Francesco is blij Marc dan eindelijk te ontmoeten, het plezier is geheel wederzijds, de Grignolino is Marcs lievelings rosso. Dan proeven in koelste plekje van de eeuwenoude boerderij: de eetkamer.

Francesco en Monica Brezza poseren in de eetkamer van hun 19e-eeuwse Piëmontese landhuis

Hij heeft (voorlopig experimentele en in kleine oplages) verassingen voor ons: de gevaarlijk ongecompliceerde, mineralige Brezzolino, bianco van jonge stokken trebbiano toscano met wat vermentino en favorita. Hopelijk versie 2026 ook in het Vinoblesse theater… De Brezzarosa is een stevige, aardse rosato die misschien wat meer fruit zou mogen hebben. De Vino Rosso (literfles) is licht van alcohol (12%), goed fris, je moet wel van de (nog) stevige tannines (wijn is gemaakt van de perswijn van met name jonge barbera) houden of er een bord Piëmontese kazen en/of salumi naast zetten.

Francesco en Marc, blij elkaar te zien!

2025 Grignolino del Monferrato Casalese, juist op fles, is overrompelend lekker in zijn fruit, heeft kleur, sap, energie. Geurt naar rozen, viooltjes, vers hooi. Gevulder dan 24, opwekkender, verfijnder dan 22 en 23. Wijn om en dag en nacht van te genieten… De zwartpaarse 2025 Barbera del Monferrato is wijn met karakter, pittige zuren, lawines aan ruw blauw fruit. De meeste – ook biologische – Barbera’s worden ontzuurd, waarmee ook het leven eruit wordt getrokken, wat dan weer vaak wordt gecompenseerd door extractie, nieuw hout, veel alcohol. Echte Barbera, zoals deze, is slank en fris, nooit tanninerijk. Maar misschien niet voor iedereen weggelegd. De 2025 Monferrato Freisa, is beste ooit, althans zover onze tienjarige ervaring hier strekt. Kleur, volume, pit, rijp fruit, als altijd prettig stallig. Krokant, lengte.

Behalve koeien en bijen: natuurlijk ook l’orto: de groentetuin!

We moeten nog door La Morra, hoogste (500m) dorp van de Barolo-streek, er twee nachten een B&B geboekt, we hebben afgesproken met Severino Oberto, die we sinds 1994 kennen van de jaarlijkse Foire Eco Bio van (toen) Rouffach (Elzas). In 1999 besluiten we dankzij zijn wijnen (Erbaluna, eerste bioproducent van Barolo) ook op Italiaans wijnpad gaan… Goede zet. Al snel volgen wijnen van Degli Ulivi, Buondonno, Fasoli, gaan we jaar later voor het eerst naar Sicilië … Rond 2012 (?) stoppen we met de wijnen als Severino na onoverbrugbare meningsverschillen met broer Andrea (mede omdat beider echtgenotes niet meer door één deur konden) het familiedomein verlaat. We blijven elkaar regelmatig zien op beurzen of als we in Piemonte zijn. Na vertrek van Erbaluna begint Severino een biologische wijnbar, Le Vigne Bio, op een sereen, historisch pleintje tegenover de barokke (17e eeuwse) Parrocchia di San Martino en 18e eeuwse Chiesa di San Rocco detta dei Blu. Het begin is lastig: de gemiddelde wijntoerist komt in La Morra om grote (conventionele) namen te proeven, dorpsgenoten hebben ook zo hun eigen (roddel)mening over ‘bio’. Anno 2026 is het tij gekeerd, bio is in, een nieuwe wijngeneratie dient zich aan, zowel qua wijnmakers als wijnliefhebbers en (deels) vega kunnen eten en biologische wijnen op de kaart is nu een pre: de zaak floreert. Severino (een look-alike van Robert de Niro), heeft er nu een echt restaurant met intiem terrasje van gemaakt, en ook een ruime, eet- en proefzaal op eerste verdieping. Drie volwassen (wijn)zonen springen (mits in het land…) in bij grote drukte of wanneer vaste oproepkrachten, oenologiestudenten uit Alba, tentamens hebben of op vakantie zijn. https://levignebio.com/en/ .

Severino met zijn drie zonen, vlnr: Luca, Paolo en Mattia

Ook leuk: aan de overkant opende Vineria Sociale haar deuren, een hippe, op jong publiek mikkende ‘natuurwijnbar’. Geen concurrent van Le Vigne Bio, ze stemmen openingstijden af, helpen elkaar (uitwisselen personeel) waar maar nodig. Natuurlijk gaan we ’s avonds bij Le Vigne Bio eten, op het terrasje, het is nog 30 graden maar met verkoelende windje op 500m hoogte goed te doen. Severino is helemaal blij als hij ons ziet, wij ook als we ‘ciao, bonjour, ça fait plaisir amici, come state?’ horen met zijn onmiskenbare (maar verstaanbare) accent en zinsmelodie waarin Italiaans, Frans en Piemontees moeiteloos vervloeien. Hij is aan het werk, heeft nu niet al te veel tijd, we spreken af morgen, zondagmiddag terug te komen en samen wat wijnen te proeven en bij te praten. We eten licht, simpel maar érg lekker, met als antipasti Pan brioche con crema di fave, zucchine en Fagottino di Aspragi robiola e nocciole, gevolgd door Tajarin al burro e salvia als primo. Worden attent bediend door vrolijke, jonge snor. Blijkt een van de (maar welke?!) zonen van Severino te zijn.

Yoga with a view: op hoogste punt in La Morra, zondagochtend 7.30

Zondagochtend is voor het bijkomen van alle warme kilometers en bezoeken, fijn stil nog in La Morra. Een brioche vuoto en cappuccio op nog koel terras, wat winkeltjes bekijken, wijnen proeven (en paar flessen kopen uit nieuwsgierigheid) bij de Cantina Comunale di La Morra waar zo’n beetje alle (paar honderd verschillende) wijnen uit het dorp te koop zijn (meeste niet te proeven helaas), een klimmetje maken naar het (uitkijkpunt) Belvedere di La Morra, de open (monster)flessen in onze B&B aan de Via Roma terugproeven, en het is alweer lunchtijd… Even vakantiegevoel.

Zondagmiddag proeven met de drie zonen van Severino: Paolo, Luca en Mattia. Maar wie is nou wie…?

Zondagmiddag na de kleine lunch, wederom bij Le Vigne Bio, wandeling naar koelste plekje van het dorp, het in een dalletje gelegen romantische Laghetto (meertje) di La Morra, waar zo te zien ook campers mogen staan. Daarna tijd om te proeven met Severino. Hij praat weer honderduit…, altijd energiek, altijd enthousiast. We hebben wat open en nog dichte flessen van afgelopen dagen meegenomen. Paar wijnen uit de Soave, zo’n bijzondere, kostbare bubbel (de Chardonnay) van Il Pendio, de Grignolino van Brezza en nog een paar flessen. We beginnen met één zoon, algauw komt de volgende, dan belt Severino nummer drie: je moet echt komen proeven, molto interessante, kan je wat van leren. Het wordt een levendige interactie tussen twee generaties, zij de jonkies tussen de 20 en 30, alle drie met Nieuwewereldwijnmakers ervaring, wij de ervaren rotten die vooral Frankrijk en de rest van Italia op ons duimpje kennen. Over één wijn is iedereen het eens: de Grignolino, heerlijk, en zo getypeerd, en (voor Barololand begrippen) een koopje, nog geen twintig euro…De namen van de drie ouderwets besnorde ragazzi? Paolo, Luca en Mattia. Maar wie is nou wie? ‘s Avonds nog teleurstellend (te zout, lakse bediening) eten bij toch gereputeerde Osteria More e Macine. Jammer.

Wijngaarden Barbaresco bij Roccalini

Maandagochtend naar de jonge Paolo Veglio in località Roccalini bij Barbaresco. Hij heeft het druk, wordt voortdurend gebeld, er wordt gewerkt aan de oprijlaan naar domein, er moet een vrachtauto worden gelaten, maar hij neemt de tijd voor ons. Natuurlijk eerst de wijngaarden in, er komen binnenkort 2ha bij in productie, hij heeft de de familiegronden rond de azienda ‘veilig’ moeten stellen door een stuk van zijn tante over te nemen die dreigde het aan een projectontwikkelaar te verkopen. Een kostbare investering. Hij wordt helemaal nerveus als hij het ons vertelt. Proeven daarna doen we in intiem, klein, schaars verlicht keldertje.

Paolo Veglio, van Roccalini in zijn oude wijnkelder

We proeven maar drie wijnen, meer maakt hij niet. Alle 100% nebbiolo, dat spreekt, alle van beroemde Sant’Agata-mergel, alle 100% natuurlijk gemaakt, alleen soms beetje sulfiet na malolactische gisting. De Langhe Nebbiolo 2024 (we hebben nog steviger 2023 op voorraad) is licht, transparant, fijn en opwekkend. Glou-glou als een rouge uit de Jura. Barbaresco 2022 nog compact, gedrongen, fijn bosfruit, tannines en zuren mooi geïntegreerd. Nog in de knop, duidelijk bewaarjaar. De 2021 (nog op voorraad) is eerder op dronk, eleganter, sterker: nu al in gulle en geurige bloei. De rijke, krachtige 2020 Barbaresco Riserva komt eind van het jaar uit.

Voor bodemliefhebbers: Paolo stuurde deze foto’s van de beroemde Saint-Agatha-klei, die in de cru Roccalini rijkelijk aanwezig is.

Dan richting Genua (altijd file daar…) en vandaar langs de kust van Liguria naar onze volgende bestemming: Levanto, net voor de zo populaire Cinque Terre. Tjits is er al vaker geweest, voor Marc een fijne ontdekking. Geboekt appartement (we houden het adres nog even voor ons) overtreft de verwachtingen. Riant balkon van 60m² mét (schuin) uitzicht op zee, zonneschermen, ruime goed geoutilleerde keuken, koel, rustig en toch de zee op 100 meter, het dorp zelf op loopafstand, fijn, paar dagen de auto niet in.

Wijngaarden in Cinque Terre, stijler dan stijl en pal aan zee, gezien vanaf de boot

Zo bedacht, zo gedaan: woensdagochtend, strakblauwe lucht, kalme zee, met de (toeristen)boot die alle dorpjes van Cinque Terre aandoet, naar Riomaggiore waar we een afspraak hebben met Heydi Bonanini van Cantina Possa. Tjitske heeft vorig jaar al bij deze heroïsche wijnmaker in de kelder net buiten het dorp in de vallei richting Canneto, gestaan, met hem door de onvoorstelbaar steile wijngaarden, sommige pal aan, of liever loodrecht boven zee, gewandeld. Kleine productie, grote(re) vraag… Maken we nu wel kans? Oogst 2025 is in ieder geval groter dan lastig 2024…

Riomaggiore

Dit keer de afspraak in het proeflokaaltje in Riomaggiore zelf, ongelooflijk wat een drukte daar, als mieren lopen de (wandel)toeristen in lange slierten – de straatjes zijn smal en stijl – omhoog, omlaag en weer omhoog door het schilderachtige (dat is het zeker) dorp, letterlijk tegen de kliffen gebouwd boven de vandaag donkerblauwe, mysterieus glanzende zee.

L: wijn bezorgen in Riomaggiore, een sportieve uitdaging. R: Heydi Bonanini van Cantina Possa

Heydi – hij is iets verlaat – gaat tegenover ons zitten, het assortiment, zes wijnen, op tafel steekt van wal, vertelt en verduidelijkt waar nodig alles over de streek, historie, de wijnen, de eigenhandige aangelegde muurtjes (muri a secco, zonder cement) voor de (hier noodzakelijke) trapsgewijze terrassen, dat alles hier met de hand moet, enige wat hij gebruikt is een kabeltreintje, een soort bobsleetje om van het ene steile hoge perceel naar een ander, laag aan zee te kunne gaan. Verhaal over de invloed van de zee, het zout, de wind, de afkoeling ’s nachts, de nog relatief onaangetaste natuur hier, want onmogelijk om intensief te bewerken…

Foto’s uit de oude doos: het bouwen van de ‘muretti a secco’, waarin de Liguriers het meest bedreven zouden zijn. En zicht op de wijngaard: La costa di Vaipusse, waar Cantina Possa zijn wijngaarden heeft.

Waarom vermentino de meeste autochtone druiven hier heeft verdrongen. Antwoord: hogere rendementen. Kijk op (doen!) possa.it om een idee te krijgen wat voor unieke wijnen dit zijn… Van de drie bianci, een rosato, een rosso en de Sciacchetrà (zoet van ingedroogde druiven) verkiezen wij de witte Cinque Terre 2025 van 80% bosco en 20 % oude (tot 120 jaar…!) stokken van mengelmoes aan druivenrassen, geen hout.

Bezoek van Tjits in 2025 aan Heydi Bonanini (Cantina Possa): wat een wijngaarden….!

Zoals Heydi het zelf zegt de meest getypeerde van hier, de meest verbonden met zijn geboortegrond en omstandigheden: licht, zee en zout… Kruidig (rozemarijn, salie) en wat Italianen noemen: balsamico: hars, het bijna zoete van pijnbomen, iets pittig, hartig, zoutig dat lang na blijft hangen. Prachtwijn. Energiek bovendien, ongemeen zuiver, minimaal sulfiet, bescheiden (12.5%) van alcohol. En: medio september verkrijgbaar, blij mee, trots op.

Op advies van Heydi lunchen we heerlijk en ongedacht rustig (geen wandelaar te bekennen, noch selfies makende influencers) bij Bar e Vini a Pié de Ma, aan, nou ja, recht bóven zee. En nemen voldaan tegen vieren de trein die net als de boot alle pittoreske (wandel)dorpjes aandoet, en zijn zo in drie kwartier weer terug in ons appartement in Levanto.

Sommige percelen gaan helemaal tot aan zee, bij stevige wind spat het zeewater over de druiven

Nog een nachtje in mooi maar druk Sestri Levante, om alvast wat dichter bij vliegveld Genua te zijn. Vergane glorie-hotel dat waarschijnlijk nooit glorie heeft gekend. Wel aan zee en met uiterst hoffelijk personeel. En met, na van kamer gewisseld te zijn, een groot schaduwrijk terras. Laatste avond aan betoverende baai bij Cutter Cucca, een geweldige spaghetti met schepnet vol aan dagverse zandschelpdieren en een behoorlijke fles Ligurisch wit uit de Ponente (tussen Genua en Ventimiglia ) dit keer. Een passend slotakkoord van spannende ontdekkingsreis. https://www.cuttercucca.it/